Dag Pieter

– Dag Pieter.IMG_1068

– Dag Dokter.

– Vertel eens. Waar zat jij gisteravond?

– In de shop/work, dokter.

– Ah ja? En om kwart na zeven, waar zat je dan?

– Euh, op een terrasje met mijn lief.

– En waarom zat je dan niet in de shop/work?

– Het was zo schoon weer, dokter.

– En die mensen die hier voor de deur staan? Is dat dan niet belangrijk, Van Patienten?

– Jawel dokter. Maar mijn lief is dat ook.

– En is die dan niet geïnteresseerd in je werk, Odile?

– Jawel dokter. Ze heeft zelfs nog het Handelaarsboek bijgewerkt tot laat in de nacht. Maar soms vindt ze wel een beetje dat ik wat serieuzer dingen mag gaan doen.

– Soms, mijn beste Pieter, denk ik ook dat je dit niet echt belangrijk vindt. Dat je met je hoofd altijd al ergens anders zit.

– Maar ik zit altijd ergens anders met mijn hoofd, dokter. Daar dient een hoofd toch voor? Dat is wat Odile en ik verstaan onder imaginaire praktijk. En daarom noemen we de Handelaars en deze shop/work ook een tussendoorproject. Een insert tussen het serieuze werk. Wij vinden dat ook belangrijk. Dat we af en toe eens kunnen lachen. Met onszelf en met de anderen.

– En dat hier mensen voor een gesloten deur staan: is dat ook om te lachen?

– Nee dokter. Dat is zeer ernstig. Dat vind ik echt zeer jammer. Iedereen maakt al eens een foutje, niet?

– En wat vond jij het meest geslaagde moment van je stage?

– Het moment dat Yasmina van communicatie mij een kunstenaar noemde en ze me prompt ook een opdracht gaf om een beeld te maken. Ik was heel blij – wat zeg ik? trots! – met het resultaat.

– En voel je jezelf dan ook een kunstenaar, Pieter?

– Dat is nogal dubbel, dokter. Eigenlijk is Odile de kunstenaar onder ons.

– Jaja, oké. Ik begrijp het. Ik zal mijn vraag anders stellen. Voelt Odile zich een kunstenaar?

– Odile voelt zich in de eerst plaats een meisje, dokter. De kunst is dat te aanvaarden. De rest komt vanzelf.

– En wat onthoud je nog van je stage, Van Patienten?

– Dat ik het gevoel heb dat ik uit mijn impasse ben. Ik heb het nu wel gehad met al die zever over de verbeelding en de imaginaire praktijk. Ik ga weer heel gewoon met beelden werken, dokter. Er is eigenlijk geen verschil. Meer zelfs: mijn volgende onderwerp wordt schoonheid.

– Ik wil het niet erger maken dan het is, Van Patienten. Maar als ik het goed begrijp ben je dus net als Odile niet echt uit je impasse geraakt. Beelden en verbeelden: er is geen verschil. Wat je eigenlijk doet is je impasse aanvaarden.

– Zo u wil dokter. U zal altijd een Van Patienten nodig hebben. Kelly, Pieter, Odile, Van Patienten: voor u is er ook geen verschil.

– Wat krijgen we nu, Odile? Ga jij nu beweren dat ik een probleem heb? Misschien moeten we hier maar ophouden, niet? Ga maar weer naar uwe shop/work. Straks staat er weer volk voor uw deur. De dokter ziet u graag. Dag Pieter!

– Dag dokter!

Advertenties

Dag An van communicatie

Dag An van communicatie,IMG_1064

Wat fijn dat je zo stipt op tijd was vandaag. Net als gisteren eigenlijk, maar deze keer had je bovendien ook het juiste uur genoteerd. Wat je al niet kan bereiken met een beetje goed geplaatste communicatie. En wat fijn dat je Onur, de sympathieke stagiair, meebracht. Sorry dat we hem even leenden voor een kleine vertaling op een groot spandoek. Dat gaat zo met Handelaars. Er komt altijd weer iets tussen. Inserts zijn ons medium. En de dingen nemen zoals ze komen is onze kunst.

Sorry ook voor onze manier van communiceren. De fuck’s en de fuck you’s in ons gesprek. Het is eruit voor je ’t weet. Net als die (on)handige blogposts van ons over jullie werk. Niet dat we ’t niet appreciëren. ’t Is eerder dat we het niet altijd begrijpen. Zoals in dat verhaal van die van realisatie – whatever that may be. Die begrijpen ons blijkbaar ook niet, en toch vinden ze dat we moeten blijven na onze stage. Odile heeft het altijd gezegd. Het is niet omdat ons publiek niet direct reageert, dat het nooit zal reageren. En het is ook niet omdat de reacties niet direct tot bij ons komen: er is altijd nog de omweg. We zijn heel blij met die reactie van realisatie: ook al begrijpen we nog altijd niet wat zij doen, wij vinden ook dat zij moeten blijven.

Zo word jij zelf een insert: een boodschapper, een tussenpersoon, die een reactie levert, ook al komt die van een ander. En zo zijn we blij met elke reactie op onze handelingen, net zoals jij wanneer je een reactie krijgt op je nieuwsbrief – die wekelijkse boodschap in een fles – ook al komt die reactie van mensen die je niet helemaal begrijpen. Dat heet communicatie en daarin vinden we elkaar. Dat is ons beroep: leveranciers van boodschappen.

Dank je ook voor je interesse en je geduld. Jij begrijpt hoe belangrijk dat is. Het is de essentie van de shop/work. Interesse: tussen de dingen zijn. Geduld: een shop om in te werken en te wachten, liefst tegelijkertijd. Jij begrijpt dat Odile en ik elkaar tegenspreken. Je vindt je uitdaging in de vaagheid van ons project. In onze (on)persoonlijke houding. En ook nu wil je nog altijd weten wat we doen, waarom en hoe. Wat we geleerd hebben. Net zoals wij willen weten wat jij hebt geleerd. Hoe voor jullie programmeren en communiceren hand in hand gaan.

Daarom, An, vind ik het helemaal niet erg als jij onze nota’s leest bij je passage in de shop/work. Het toont je gezonde nieuwsgierigheid. Wij doen net hetzelfde als we in je kantoor passeren. We keep an eye on each other. Zo gaan we dat doen met dat boek waarvoor je een bijdrage hebt beloofd. We laten het gewoon liggen in shop/work en kijken al uit naar je reactie.

Dag An van communicatie!

Kus,

Odile

Dag Kelly

– Dag Kelly.IMG_1061

– Dag Dokter.

– Zullen we er aan beginnen?

– Ja dokter, begin maar.

– Vertel misschien eerst eens wat je meest geslaagd vindt aan je stage.

– Dan begin ik met mijn twee lievelingsbeelden. Het zijn eigenlijk twee selfies. Op het eerste sta ik zelf, met een boekje in mijn handen. De tekst in het boekje is “L’avenir est entre vos mains”. De tweede selfie is een masker, maar op de plaats waar je de neus verwacht, steekt er een oor door. Van Odile. Misschien hou ik nog het meest van het tweede beeld: dat brengt een open verhaal. Het andere beeld is al te bepaald, te gemakkelijk: dat heeft met die tekst te maken.

– Gemaskerde selfies: twee keer (on)persoonlijke beelden. Dat is interessant, Van Patienten. En verder? Wat onthoud je nog van je stage?

– Dat ik nog altijd niet uit mijn impasse ben geraakt. Integendeel: mijn impasse is enkel bevestigd. Ik heb nog altijd niet het gevoel dat er een band is tussen mij en mijn publiek. Alles wat we doen tijdens de stage blijft ondoordringbaar. Eigenlijk was het de bedoeling om met die stage aansluiting te vinden met een publiek: de mensen in en rond de Beursschouwburg. Maar Odile en ik zijn eigenlijk toch vooral met onszelf bezig. Meer zelfs: ik heb altijd maar meer het gevoel dat ik zelf Odile aan het worden ben. Het maakt die impasse alleen maar groter.

– Misschien gaat het er niet echt over om uit die impasse te raken, maar wel om ze te aanvaarden. Zo zijn jullie nu eenmaal: jullie werken gewoon makkelijker met elkaar dan met de buurt. Maar is wat jullie doen daarom minder interessant, Odile?

– Misschien heb je wel gelijk, dokter. Deze beelden doen me mijn impasse vergeten. Maar toch blijft dat gevoel dat we ze vooral voor onszelf maken, als onze eigen toeschouwers. Masturbatie van de kunst, noemt mijn lief dat.

– Vreemd dat je dan net die beelden uitkiest. Het zijn net de beelden met het grootste bereik. Het eerste staat op de kaartjes die jullie verspreiden en op de blog. Het tweede stond bij het begin van het seizoen op grote affiches in de Beursschouwburg en op straat. Iedereen heeft die beelden gezien.

– Da’s wel waar, dokter. Dat project van De Handelaars gaat over delen, maar we weten nog altijd niet goed hoe dat werkt: wie we bereiken en wat die daarmee doen. Wij zijn daar heel slecht in. Daar stoten we op onze limieten.

– Maar, Kelly, waarom spreek je dan altijd in de wij-vorm? Wil dat niet net zeggen dat je deelt? Altijd al, van in het begin van jullie samenwerking. Trouwens gaat De Handelaars niet net over hoe beelden werken? Is dat niet wat jullie de imaginaire praktijk noemen? Als je die beelden verspreidt op affiches en kaartjes en websites: zet je dan niet de verbeelding van je publiek aan het werk? En blijkt dan niet dat elke verbeelding anders is? Jouw probleem is niet dat je de beelden niet kan delen – dat kan je wel – maar dat je niet tevreden bent met het bereik.

– Wel ja, dokter. Zie ons hier zitten in onze shop/work. Hoeveel mensen hebben we al gezien vandaag? Als het niet over masturbatie gaat, dan blijft het op zijn minst wel incestueus. Ons bereik, dat zijn onze vrienden en kennissen.

– Wat is daar mis mee, Van Patienten? Gaat het over het bereik van je beelden? Of over de intensiteit? Wat jij nodig hebt, Odile, dat is een verhaal. Je hebt een goed verhaal nodig. Net zoals in al je andere werk overigens, Kelly: ik heb het gevoel dat jij altijd werkt volgens een script, een scenario.

– Ja, dokter, maar dat verhaal van De Handelaars blijft toch altijd nogal vaag.

– Maar zit in die vaagheid niet net de sterkte van jullie project? Is het niet net dat wat je aantrekt in die selfie met het oor? Dat het een open beeld is, onbepaald. Of (on)bepaald, om nog eens jouw taal te gebruiken: zodanig bepaald dat iedereen er alle richtingen mee uit kan. Kan je dat verhaal van de shop/work niet concreter maken voor jezelf?

– Euh, ja: het is een ruimte om in te werken. Voor onszelf in de eerste plaats. We verwerken er de beelden die we een jaar lang verzamelden in en rond de Beursschouwburg. Dat verwerken, dat is wat we verstaan onder imaginaire praktijk: voortdurend hercombineren om altijd opnieuw uit te komen bij een ander verhaal. En net als al die inserts waarmee we werken hier op de tafels en in het boek, is dit een tussendoorproject: een project dat zich voegt tussen al onze andere projecten, dat erdoor besmet wordt en ook zelf besmet.

– Dat klinkt goed, Van Patienten. Jij hebt wel een taartje verdient met je stage. Hoe gaat het nu verder?

– Wel, dokter, nu ga ik beginnen schrijven aan een masterplan. Een plan voor het leven (of was het overleven?).

– Heel goed. Maak je nu maar klaar voor je ontmoeting met die van communicatie. Je weet hoe stipt die mensen zijn. En communiceren gaat ook over delen. Dag Kelly! De dokter ziet u graag.

– Dag Dokter!

Die van communicatie

Dag Odile,let'stalk

Die van communicatie, dat zijn nogal numero’s. We spreken af om vier uur, staan zij hier stipt om vijf uur. De één was ervan overtuigd dat we dan hadden afgesproken, de ander vond het al raar dat het niet om vier uur was en nog een ander had al laten weten dat ze dringend een persconferentie moest organiseren. Om vier uur dus. En ondertussen hangt die agenda van de ontmoetingen op posters in het gebouw en op straat, het staat op de website en op de blog en ik heb het dan nog niet over al de mails die we daarover stuurden.

De laatste van die mails is een oproep om een selfie te posten met je hand voor de mond. Alweer voor FM Brussel, dat al heel onze dag overhoop gooit. Probleem is dat je moeilijk kan spreken met de hand voor de mond. Of misschien was dat even de bedoeling – om niet met ons te spreken – en is FM Brussel eigenlijk toch gewoon belangrijker dan de shop/work.

Morgen is er een nieuwe afspraak. Dan komt An, die dacht dat we om vijf uur hadden afgesproken, met de stagiair. Dat wordt weer spannend. Zal ik nog een mailtje sturen om te bevestigen?

Wat hebben we vandaag geleerd, Odile? De dingen nemen zoals ze komen…

Wordt vervolgd.

Dag Odile!

Kus,

 

Odile.

Dag Lieve,

Dag Lieve,IMG_1030

We hadden je graag ontmoet in de shop/work, maar het lot beslist daar anders over: Aaf, je collega aan het onthaal, is ziek en je kan je post niet verlaten. Dat blijkt een geluk bij een ongeluk. Want zo mogen we ons door jou laten ontvangen op de plek die daarvoor dient. Daar zeggen stagiairs als wij geen nee tegen. We sluiten de shop/work en gaan voor onze eerste ontmoeting naar het onthaal.

Wat hebben we geleerd? Je moet de dingen nemen zoals ze komen. Zitten we nog maar net op onze stoel, staat daar al een cameraploeg van TV Brussel aan je balie. Ze komen voor je directeur. Maar ondertussen mag jij ook je zegje doen. Je doet dat vol overtuiging: handen af van FM Brussel! Nochtans hou je niet van camera’s. Telefoon is meer jouw medium. Het gaat niet zozeer over het bekeken worden, maar wel over de dubbele richting: liever een goed gesprek van persoon tot persoon, dan een welgemikte quote voor een publiek dat je niet kent.

Wat hebben we nog geleerd? Ontvangen is anticiperen en toneel spelen (en passant leren we dat je niet enkel achter je balie toneel speelt, maar dat je dat ook doet op de scène, met een eigengemaakt boeket van bloemkolen in je hand). Je moet duidelijk zijn en direct, zoals je dat deed voor de camera van TV Brussel.

Voor jou had het ook zonder balie mogen zijn. Zoals vroeger, toen het onthaal ook de wachtzaal was voor de bezoekers van de Beursschouwburg. Met zeteltjes en een kopje koffie en als het even kan ook nog een goed gesprek. Je zal dan toch eens moeten langskomen in de shop/work. Daar gaat het ook zonder balie, met koffie en drank. Eigenlijk is de shop/work ook een wachtzaal, waar we de dingen nemen zoals ze komen. We werken veel tussendoor, net zoals jij, en daartussendoor voeren we ook gesprekken met al wie komt binnenwaaien.

Als we je het boek geven – ons jaarboek voor de toekomst – komt de kunstenares in je naar boven. Niet de toneelspeelster van daarnet, maar wel iemand die houdt van een goedgemaakt object om “met liefde en genegenheid te behandelen”. Dat heb je goed begrepen, want zo is het ook gemaakt. Je denkt al direct aan een beeld voor het boek, waarvoor je – als ik het goed begrijp – toch overweegt om voor een camera te gaan zitten.

Je bent graag onder kunstenaars, net zoals wij. Hoewel je toch vindt dat wij meer filosofen zijn dan kunstenaars. Maar dat vind je niet erg. Je houdt wel – net zoals wij – van wat (on)bepaaldheid in het werk.

Ooit speelden we met het idee om van jou een insert te maken. We zochten een manier om een boodschap te verspreiden waar je direct ook reactie op krijgt. De tekst die we je zouden geven is: “wil je graag mijn job doen?”. Maar dan komt de filosoof in jou naar boven. Wat is dat: mijn job? Wat ik vandaag doe in de Beurschouwburg? Wat ik hier sinds 1983 gedaan heb? Of daarvoor? Toen de Beursschouwburg nog Nieuwe Workshop was?

Ondertussen ken je de naam van ons onthaal: shop/work. En weet je ook wat onze laatste activiteit zal zijn als stagiairs in de Beursschouwburg? Een work/shop. Je zal toch eens moeten langskomen, Lieve. Ik denk dat je het hier wel fijn zal vinden.

Groeten aan Aaf.

Dag Lieve!

Kus,

 

Odile & Odile

De agenda voor de shop/work

IMG_0971Dag Odile,

De agenda voor de shop/work is klaar! Tussen 10 en 20 juni is het open op donderdag en vrijdag van 12 tot 20u en op zaterdag van 17 tot 20u. Tijdens die uren ben ik daar altijd aan het werk. Maar af en toe organiseer ik ook ontmoetingen met enkele mensen die deze shop/work mogelijk hebben gemaakt. Die agenda ziet er zo uit:

11/6
13-13u30: Lieve Van Buggenhout, Ava Hermans (Beursschouwburg)
16-17u: An Vandermeulen, Margareta Saelemaekers, Yasmina Boudia (Beursschouwburg)

12/6
12-17u: Kelly Schacht (zzzzz)
18-20u: Pieter Van Bogaert (Square)

13/6
17-20u: Kelly Schacht + Pieter Van Bogaert (Schacht/Van Bogaert)

18/6
13-15u: Kristien Van den Brande (Support de Fortune)
16-17u: Helena Kritis (Beursschouwburg)
17-18u: Vaarweltoast met Stagiairentaart

19/6
17-20u: CutMe (Fred Samier) en Cabinet (Ann Clicteur)

20/6
17-20u: Maaike Beuten & Fairuz (garage64)

En ja, voor moest dat nog niet duidelijk zijn: de shop/work staat in de Beursschouwburg. Ingang langs de Karperbrug of langs de Rode Hal.

Jij komt toch ook, Odile?

Dag Odile!

Kus,

 

Odile

Commerçants, salesmen, dealers!

Dag Odile,P1060689

Commerçants, salesmen, dealers! De etiketten die we tegenwoordig niet allemaal opgeplakt krijgen. Het heeft geen naam. En nochtans heeft het wel een naam, een hele mooie naam, vinden we zelf. HANDELAARS is de naam. Wij zijn Handelaars. En om dat goed duidelijk te maken tijdens onze shop/work hebben we nu ook échte naamborden. Zie het daar staan, zwart op oranje: De Handelaars.

Met die borden is meteen ook het einde van de stage in zicht. Het einde van de stage is het begin van ons leven als Handelaars. En als Handelaars horen we er ook bij, net als Sonia, net als de Beursschouwburg of Ann of Fred die heel dat spel met die borden ooit is begonnen om de andere Handelaars er ook bij te doen horen.

Om maar te zeggen: we zijn er bijna. Nu nog de lijst van de ontmoetingen afronden. En dan kunnen we beginnen aan de inrichting van de shop/work. Nog vijf keer slapen en hij staat er. Nog zes keer en hij gaat open. Can’t wait.

Dag Odile!

Kus,

Odile