Hartverwarmend

Dag Odile,P1060664

Hartverwarmend noemen ze dat. In het guurste weer van het jaar de straat op om duidelijk te maken dat er wel een alternatief is. Het hield niet op met regenen. De wind sleurde aan spandoeken en paraplus. En wij dansen en zingen ons de ziel uit het lijf.

Zingen in de regen en dansen in de plassen, dat vinden wij natuurlijk wel plezant. Net als die twintigduizend anderen die mee de tien Hartenwensen van Hart boven Hard helpen uitdragen: voor een solidaire samenleving met meer aandacht voor onderwijs en cultuur, voor armoede en diversiteit, voor een nieuwe invulling van de democratie. Één kleurrijk en positief signaal tegen de vermarkting van de samenleving waarin alles in cijfers wordt uitgedrukt.

Tegen de vermarkting? Is dat dan tegen de Handelaars? Laat ons zeggen dat het voor een andere invulling van de markt is. Voor een andere manier van Handelen. Een manier om samen te Handelen en niet elk voor zich. De Handelaars van Hart boven Hard doen niets alleen. Ze praten, luisteren, overleggen, passen zich aan. Ze hebben niet alleen aandacht voor elkaar, maar ook voor hun omgeving. Ze zetten liefde en geluk in de plaats van winst en rijkdom. Dat soort Handelaars, dat zijn wij.

Toch? Odile?

Dag Odile!

Kus,

OdileP1060662

Advertenties

Je suis Charlie

Dag Odile,

IMG_1702Je suis Charlie. Weet je het nog, Odile? Na de aanslag op Charlie Hebdo, was iedereen Charlie. En elke keer weer iemand zei, Je suis Charlie, voelde ik me persoonlijk aangesproken. We zijn allemaal geraakt door die aanslag. En we komen allemaal op straat om de doden te herdenken. En meer nog: om ze te doen leven, meer nog dan voorheen. Zij blijven allemaal een beetje leven terwijl wij allemaal een beetje sterven.

Dat vreemde gevoel van de gedeelde identiteit, Odile, dat ken je natuurlijk al langer. Jij weet hoe fijn het is om Odile te zijn. Hoe makkelijk ook. Al wat je moet doen is zeggen: Ik ben Odile. En dan voel ik mij als twee hondjes die gezellig samen spelen. Je voelt je samen sterker dan alleen. En toch ben je maar Odile.

Maar toen waren we Charlie. Je suis Charlie was de magische formule van de dag. De formule die de vermoorde redacteurs weer tot leven moest brengen. De formule die ons hielp een beetje te sterven en hen nog een beetje te leven.

Had jij ook dat gevoel een beetje te sterven toen ik je voor het eerst Odile noemde? Had jij ook het gevoel dat je een stukje van jezelf verloor? Of voelde jij je eerder sterker worden? Was het een kwestie van jezelf verliezen in de ander om er versterkt weer uit te komen?

Ik krijg er elke keer weer koude rillingen, elke keer iemand zegt: Je suis Charlie. Ik voel me elke keer persoonlijk aangesproken. En elke keer roep ik zachtjes: Ik ook! Ik heb het opnieuw als ik die ochtend door de krant blader en iemand schrijft: Ik ben Ahmed. Weer dat stemmetje: Ik ook! Ahmed is de vermoorde agent op het trottoir voor het kantoor van Charlie. Hij is de moslim die erover moest waken dat Charlie cartoons kon blijven maken om moslims belachelijk te maken. Ook daar kreeg ik het koud van: Ik ook!

Denk je soms na over de dood, Odile? Die gasten van Charlie Hebdo waarschijnlijk wel. Met al die politie voor de deur. Of met Charb die al maanden nergens naartoe ging zonder een agent aan zijn zij. Kan je je dat voorstellen? En wat zei Charb? Ik heb geen vrouw en geen kinderen. Ik sterf liever rechtop dan op de knieën te gaan zitten voor fundamentalisten. Die redacteurs dachten wel degelijk aan de dood. Maar ze bleven er niet echt bij stilstaan. Wij mogen ons daar niet door laten doen. De dood hoort bij het leven, hoe je het ook draait of keert.

Wat moeten we dan wel doen? Verder werken, zoals bij Charlie Hebdo. Doen wat we altijd doen. Meer dan ooit.

En ondertussen zijn we allemaal Charlie. Iedereen is Charlie. Van extreem links tot extreem rechts. Is dat geen probleem, Odile? Zorgt die inflatie van Charlies niet voor n’importe quoi? Jan Jambon en Bart De Wever vinden er de bevestiging in van hun repressief beleid. Er is geen alternatief! Anderen vinden er de bevestiging voor de uitwassen van het streng neoliberaal beleid. Er is wel een alternatief! Sociale armoede, racisme en individualisme de kop indrukken door samenhorigheid. Hoever kunnen we ons daarin laten gaan? Waar ligt de grens tussen opportunisme en solidariteit?

Je inleven in de ander is de hoogste vorm van verbeelding. Heb ik ooit ergens gelezen. Wanneer staat iemand op die zegt Je suis Kouachi of Je suis Coulibaly? Of is dat al gebeurd? Wie ben jij, Odile?

Dag Odile!

Kus,

Odile

Tina, Alex en Lisa

insert_boekje02_def02

Dag Odile,

Tina, Alex en Lisa. Waar denk jij aan als je dat lied hoort op de trappen van de Beursschouwburg? Denk je aan het lied of aan die trappen? Aan de tekst of aan wat het betekent voor de stad?

Je denkt aan de insert die je maakt voor het programmaboekje van de Beursschouwburg en waarvoor je een foto gebruikt van die trappen. Je denkt aan de tags op die trappen: geheime boodschappen, achtergelaten door anonieme gebruikers. Je denkt aan de mensen die je er zo dikwijls ziet zitten: te rusten, te drinken, te babbelen.

Of te zingen dus. Zoals vorige vrijdag om 17u: het tweeëntwintigste uur van het vijftig uur durende verjaardagsfeestje van de Beurs. Bijna halfweg. Die trappen zijn een platform, een medium, voor zeer diverse boodschappen.

Op de foto van de trappen voor je insert staat een zinnetje dat je ooit zag in een kunstenaarsvideo: insert commercial here. Je houdt van dat idee van de insert. Het is zowat je belangrijkste instrument tijdens je stage. Het laat je toe boodschappen achter te laten. Om ideeën in te voegen tussen andere. Een beetje geheim, een beetje anoniem. En met wat geluk krijg je langs daar een boodschap terug. Of langs ergens anders.

Commercial klinkt een beetje raar natuurlijk. Je handelingen zijn nooit echt commercieel. Je vertaalt het liever als publiciteit, reclame: je publiceert je aanwezigheid en reclameert de aandacht. Commercieel is ook precies waar dat lied van Tina, Alex en Lisa tegenin gaat.

Ik dacht tijdens het lied aan die keer dat ik je zag rijden met dat bordje aan je fiets: er is wel een alternatief. Daarover gaat dat lied dat klinkt als een alarmbel: er is wel een alternatief voor Tina,

Heading for a cold world,
Where it’s everyone for themselves,
Where everything has to comply
To economic growth

Tina staat voor There Is No Alternative. Dat weet je wel. Maar waar staat Alex voor? Voor ALternatives EXist. Voor a warmer place. Niet voor heartless profits en economic profit, maar wel voor creative growth, cultural growth, educational growth. En Lisa? Voor Let’s Invent Something Alltogether.

Net als toen met je bordje krijg ik het hier een beetje warmer van. Maar het laat me toch ook weer achter met een groot vraagteken. Of een vaag-teken misschien. Dat woordje alternatief, in rode inkt op je bordje, dat uitloopt door de regen, is even symbolisch als het grote vraagteken op het einde van dit lied: What are we fighting for?

Is dat een probleem? Niet echt. Maar ooit zal je het toch concreet moeten maken. Om het daarna weer in vraag te stellen. Dan komt die vaagheid goed van pas. Dat vraagteken dat soms iets wegheeft van een uitroepteken.

Of niet?

Dag Odile!

Kus,

OdileP1060646

Er is wel een alternatief

Dag Odile,IMG_1653

Er is wel een alternatief, staat op het bordje waarmee je in december langs de stakingspiketten fietst. Een duidelijk antwoord op de TINA-doctrine van de Nieuwe Neoliberale Regering. TINA staat voor There Is No Alternative. De slogan gaat terug naar het Groot-Brittannië van de vroege jaren tachtig, waarin Margaret Thatcher een hard conservatief beleid voert tegen de stakende mijnwerkers. Hij wordt vandaag opnieuw vanonder het stof gehaald door Bart De Wever. Nogal schaamteloos eigenlijk. Want hebben we intussen niet begrepen dat die harde neoliberale politiek van Thatcher (en Reagan aan de andere kant van de oceaan) net verantwoordelijk was voor zowat alles wat is fout gelopen sindsdien? Van geprivatiseerde treinen die winst belangrijker vinden dan service tot banken die te groot zijn om te falen.

Niet dus. Alsof er niets aan de hand is, pakt De Wever opnieuw uit met TINA.

Maar wat is dan het alternatief? Hoe duidelijk is dat antwoord op TINA? Ik begrijp dat het over principes gaat als solidariteit, onderwijs, cultuur: in plaats van daarin te knippen, kan je er beter in investeren. Het gaat over ecologische principes: zorg voor het milieu dat we delen. Die principes zijn de inzet, als het cement van de samenleving. Ze gaan in tegen het individualisme en willen de samenleving weer deelbaar maken.

Maar is dat niet nogal vaag, Odile? Kan het wat concreter? Kan je iets duidelijker zijn?

Het inschrijvingsgeld aan de universiteiten en hogescholen niet verhogen? Daar kan ik je in volgen. Investeren in openbaar vervoer, liever dan in bedrijfswagens? Ook dat kan overtuigen. Een basisinkomen voor de armsten en een vermogensbelasting voor de rijksten? Ook. Maar ga je dan het geld vinden dat nog nodig is voor cultuur? Het blijft nog altijd een beetje vaag.

En dan zeg jij: wat is er mis met een vaag alternatief? En je hebt gelijk: beter een vaag alternatief dan helemaal géén alternatief. Er is nog werk aan, maar we weten tenminste al ongeveer waar te beginnen.

Ik zag je twee keer fietsen met hetzelfde bordje, Odile. Één keer tijdens de provinciale stakingsdag en nog eens tijdens de algemene staking. De tweede keer is je bordje wat anders. En zoals je weet, Odile, hou ik wel van verandering. De rode letters waarmee je alternatief schreef zijn wat vager. Uitgelopen door de regen? Of heb je ze opzettelijk vager gemaakt? Zo geef je ze wat meer ruimte. Was dat waar je aan dacht, Odile?

Dag Odile!

Kus,

Odile